
Het is geen fijne berg, de Col de la Morte. De top is maar 1368 meter hoog, maar de klim begint al op 370 meter hoogte. Vijftien kilometer lang is de Berg des Doods. Nergens wordt hij echt steil, maar er zijn ook geen vlakke stroken om op adem te komen. De dood is alleen te bedwingen via de weg der geleidelijkheid en dat betekent in dit geval stijgingspercentages die voortdurend tussen de zeven en acht procent schommelen. Alleen helemaal onderaan en bovenop de top vlakt hij af, waardoor het gemiddelde op 6,5 procent blijft steken.
De klim gaat grotendeels door bos, waar het in de zon toch verraderlijk warm kan worden. Wij beklommen de Morte 's ochtends, maar waanden ons af en toe in het vagevuur. Medeklimmer H. dook halverwege zelfs in een bergbeekje om af te koelen. Boven waaide echter een koele wind. En gelukkig was er een koffietentje dat crêpes serveerde. Alle tijd om dat ronde blauwe bordje te bestuderen. Volgens mij betekent de tekst: 'Lang verblijf verplicht', wat natuurlijk heel toepasselijk is op de Berg des Doods, al is het wel wat frustrerend. Heb je net de dood overwonnen, mag je niet verder.
Het bord ziet er niet uit als een flauwe grap. Maar een regulier verkeersbord is het ook niet. Misschien is het er wel opgehangen om passanten tot nadenken te dwingen. In Frankrijk doen ze immers nog aan filosofie en besteden ze wél aandacht aan de geestelijke en culturele ontwikkeling van het volk.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten